Ananassen en oude bakkies

Omdat ik de markt en de auto’s niet kon vergeten, volgt dit tweede deel over Medellin. Medellin heeft een grote fruitmarkt waar je de meest exotische vruchten kan kopen die er bestaan. Ik weet zeker dat ik 25% nog nooit gezien had, o.a. rode ananassen! Op deze markt , genaamd Minorista, leerde ik mangostinos kennen en uchuva. Beide vruchten zijn erg lekker en zoet. Er gaan dagelijks tours naar deze markt waarbij je voor een erg hoog bedrag verschillende vruchten mag proeven terwijl een gids van alles uitlegt. Wij besloten echter om op eigen houtje naar deze markt te gaan en zelf wat vruchten te proeven. Bij elke kraam werd er wel iets naar je geroepen om je te lokken. Uiteindelijk hebben we een paar mango’s, mangostinos en uchuva gekocht die we later heerlijk hebben opgegeten. De onderstaande twee oude bakkies stonden aan het einde van de straat waarin het hostel zich bevond. Het groene bakje was compleet leeg van binnen, er zaten geen stoelen of banken meer in, totaal gestript. Toch zag ik dit autootje een week later op een andere plek in de straat staan! In heel Zuid Amerika hebben we heel veel oude auto’s gezien, waardoor Ricardo een nieuwe gewoonte heeft ontwikkeld door met hen op de foto te gaan.

 

Paisas en Narcos

16 juli – 2 augustus 2017

Weer had ik me vergist in het aantal uur wat we onderweg zouden zijn. De busreis naar Medellin duurde zo’n 8 uur in plaats van de 5 die ik had verwacht. Tijdens de laatste paar uur stormde het flink. De tropische buien werden steeds donkerder en ik zag  steeds meer takken op de weg  liggen. Rond een uur of 11 ’s avonds kwamen we aan bij het hostel waarbij de sleutels van de deur in een plantenbak waren gelegd door Elizabeth, onze host. Helaas was onze kamer nog niet beschikbaar en sliepen we hierdoor in een dorm met nog twee andere backpackers. Francesca een Duits meisje van 18 en haar 30 jaar oude Amerikaanse vriend Eddy, of nou ja hij kwam uit Californië. Elke Amerikaan die we tot nu toe tegen komen zegt niet dat hij uit de USA komt maar uit een van de staten. De volgende avond zouden we een klein feestje hebben in het hostel met onze nieuwe vrienden.

Eddy nam ons mee naar Pueblito Paisa, een mini dorpje gelegen op een heuvel in het midden van Medellin. Vanaf deze heuvel had je een mooi uitzicht over de stad. Ook hebben wij de Braziliaanse Maria Luisa leren kennen. De komende twee weken trokken we veel met haar op. We zijn onder anderen naar Parque Arvi geweest, een park wat gelegen is op een van de heuvels rond Medellin wat te bereiken is met de metro cable, een kabelbaan. Enkele dagen later ontmoeten we Aurora en haar vriend uit België. Met heel de groep hebben we de free walking tour gedaan door het centrum van Medellin. Het was een Oke tour, maar zou het niet zo snel aanraden om te doen. Vervolgens zijn we met Dennis, de grote Duitser, en Maria een voetbal wedstrijd gaan kijken in het stadion van Atletico Nacional. Deze wedstrijd was een groot feest in het vak waar we stonden. Heel de wedstrijd werd er gezongen en gesprongen en wanneer er een goal was ontstond er een lawine van mensen waardoor we opeens 5 rijen lager stonden. Ik heb nog steeds geen idee hoe we daar terecht zijn gekomen.

In het hostel zelf hebben we veel tijd doorgebracht. Vaak kookten we voor elkaar en kochten we samen boodschappen. Het was er heel relaxt met een leuke patio waar we vaak kaart spellen speelden. Mr. Russia oftwel Adam was onze grote vriend uit Rusland. Een hele aparte maar super lieve gozer die heerlijk kon koken! Ook kon een bezoek aan comuna 13 niet ontbreken, deze wijk in Medellin was zo’n 20 jaar geleden een van de gevaarlijkste buurten ter wereld. Dit is echter verleden tijd! De buurt is flink opgefleurd door alle graffiti en ook kan je een ritje maken op een van de vele roltrappen. De wijk is gelegen op een heuvel waardoor je echt een prachtig uitzicht hebt op de stad. Natuurlijk konden we de feestje in Medellin niet overslaan. Tijdens de techno party’s hebben we heerlijk gedanst in de open lucht. ’s Avonds koelde de temperatuur af naar een aangename 20 graden wat perfect was om een dansje te doen.

De tijd is voorbij gevlogen in Medellin, er zal vast genoeg zijn wat ik niet heb opgeschreven maar deze stad zal me zeker bij blijven. Dit niet omdat de stad er prachtig uit ziet, de meeste gebouwen zijn spuug lelijk en alles is gemaakt van rode bakstenen, maar vanwege de mensen, het heerlijke weer en vooral de sfeer. We zien je snel weer Medellin.

Koffie, hoge bomen en slapeloze nachten

10 juli – 16 juli 2017

Armenië was een stad die we eigenlijk over hadden moeten slaan. We vonden er een hospedaje voor 5 euro per nacht met zijn tweeën, later zouden we begrijpen waarom dit zo was. Een nachtje in dit stadje en we zouden weer vertrekken. Ik was zo moe van de lange reis dat ik makkelijk in slaap viel. Midden in de nacht werd ik wakker van de herrie. Het was 3 uur ’s nachts en Ricardo had nog geen oog dicht gedaan. Tegen over ons zat een tankstation wat 24 uur per dag open was. Taxi’s kwamen af en aan om hun auto’s te wassen, nu lijkt dit niet zo’n probleem denk je , maar tijdens het wassen draaiden zij keiharde muziek. Ik viel uiteindelijk weer in slaap en gelukkig ook Ricardo. Parque del café bezochten we na deze onrustige nacht, een pretpark midden in de koffievelden. Het was een leuke afwisseling om eens naar een pretpark te gaan. Terug in onze kamer bleek het deze nacht mijn beurt te zijn om uren wakker te liggen. De dag erna besloten we om snel te vertrekken richting het dorpje Salento.  We vonden een leuk hostel met een lieve familie en een koe op de hoek. De koe was dan ook de enige die af en toe wat herrie maakte. Dit schilderachtige dorpje had een heerlijk rustige sfeer ondanks dat er best veel toeristen waren. We zijn een restaurant binnen gegaan waar we een heerlijk stuk vlees hebben gegeten, dit hadden we echt even nodig na al het smerige eten in Armenië.

Salento staat bekend om de nationale boom van Colombia, de wax palm. Deze bijzondere palmen kunnen 60 meter hoog worden. Met 12 man werden we in een Willy Jeep gepropt. Na zo’n 20 minuten zonder ook maar iets van de omgeving te hebben gezien arriveerden we in het nationale park. We namen de route die volgde achter het blauwe hek, het begin van een lange lange wandeling. We waren op de hoogte van de duur van de wandeling, 5 uur, maar er was ons verteld dat het echt de moeite waard was. En inderdaad de natuur was prachtig. We wandelende door een weiland met koeien, een  jungle- achtig bos en door de bergen.

De gehele weg kwamen we veel mensen tegen tot op een bepaald punt. Het pad werd steeds steiler en moeilijker te beklimmen. Ik dacht terug aan de opmerking die ik had gemaakt over het doen van een hike. We zouden namelijk echt niet meer gaan hiken en toch bevonden we ons ook dit keer weer in de wildernis. Ik kreeg steeds meer het gevoel dat we de verkeerde kant op waren gelopen, wat inderdaad zo bleek te zijn. Toevallig kwamen we twee Nederlandse meisje tegen die net als wij verkeerd waren gelopen. Na een tijdje kwamen we terug bij het punt waar we de fout in zijn  gegaan. Helaas moesten we ook hier weer stijl omhoog maar belandden we in een prachtige mistig bos. Eenmaal boven begon direct de afdaling richting de vallei met de bomen. Het was een stuk frisser geworden op het hoogste punt maar hoe verder we afdaalden hoe warmer het weer werd. De palmbomen waren inderdaad erg indrukwekkend. Ik vraag me alleen nog steeds af waarom deze bomen zo belachelijk hoog zijn. Het antwoord heb ik namelijk nog steeds niet kunnen vinden. We verbleven nog een extra dag in dit reis zou ons leiden naar de stad van Pablo Escobar of te wel Medellin!

De terugkeer

8 juli – 11 juli 2017

Eindelijk was het zo ver, na bijna 10 jaar zou ik eindelijk terugkeren naar mijn moederland. De grensovergang was de makkelijkste tot nu toe. Een klein busje bracht ons de grens over zonder te stoppen bij de douane, hierdoor moesten we de brug weer oversteken om een stempel voor in ons paspoort te halen. Het voelde heel raar om het land zo binnen te lopen zonder enige controle. We pakten een taxi naar het grens plaatsje Ipiales en zouden dan nog 2 uur de bus in moeten om in Pasto aan te komen.

Onze eerste avond  brachten we door in een leuk cafe met live muziek en omdat het weekend was konden de cocktails natuurlijk niet ontbreken. We sliepen voor het eerst in het hotel waar we eindelijk een heerlijke normale douche konden nemen zonder geelektrocuteerd te worden. Het water in Ecuador werd elektrisch verwarmd en was niet altijd even veilig vanwege de losse draadjes.

De volgende middag vertrokken we naar het plaatsje Popayan, een klein koloniaal stadje in het zuiden van Colombia. De binnenstad stond vol met prachtige witte gebouwen. Ik had echter nog steeds niet echt het idee dat ik in Colombia was. Misschien omdat de plaats die we nu bezochten er heel Spaans uitzag en erg weinig weg had van het Colombia zoals ik het kende, druk, veel auto’s, veel herrie. Het eten deed me wel direct aan vroeger denken. Sopa de sancocho was een van de eerste dingen die we aten. Deze heerlijke gevulde soep was een goede lunch maaltijd. Na het eten keerden we terug naar ons hostel wat midden in de stad lag en zich ook in een mooi oud wit gebouw bevond. Na twee dagen besloten we om dit gezellige stadje te verlaten en Colombia verder te verkennen.

Een doodstille hoofdstad

6 juli – 8 juli 2017

De eerste keer dat we vooraf geen verblijf hadden geboekt zou ons zeker bij blijven. Het complex was niet moeilijk te vinden, maar er werd nergens aangegeven dat er in het pand een hostel zat. Eenmaal binnen was het een erg donkere en treurige boel, heel ongezellig. Het internet deed het nauwelijks terwijl wij dit nu juist nodig hadden om het vervolg van onze reis te plannen. We besloten om onze boeking te annuleren, dit nam nog enige tijd in beslag. In de tussentijd liep er een nieuw stel binnen waarmee we aan de praat raakten. De Duitse jongen en het Frans meisje waren opzoek naar een slaapplaats, maar werden totaal genegeerd door de man achter de balie. Ook zij vonden het hostel niks en besloten een ander te zoeken. Na 3 hostels te hebben bekeken, vonden we eindelijk degene waar we zouden verblijven: Big mums hostel. Big mums hostel werd door een kleine “big mum” gerund. Een schattig ouder vrouwtje die erg haar best deed. We deelden de kamer met onze lot genoten Timo en Sara.

Het was al na negenen, wat niets zou hoeven uitmaken in een grote hoofdstad als Quito, zou je denken. De straten waren echter verlaten en alles was dicht. Zo heel af en toe zag je een iemand lopen. Na lang zoeken vonden we eindelijk een gebied waar nog wel wat leven was. Het was zo absurd stil op straat waardoor ik mij niet helemaal prettig voelde, gelukkig liepen we met een groepje van 4. Ook de grote supermarkt die in de buurt zat bleek dicht te zijn. Eenmaal terug maakten we ons eigen feestje op het dakterras. Vanaf dit terras had je een prachtig uitzicht over de oude stad. De volgende avond zouden we hier weer belanden om weer een leuke avond te hebben. We zijn in totaal maar twee dagen in Quito geweest omdat we snel wilden door reizen naar Colombia om het dure Ecuador te verlaten. Ik ben benieuwd wat Colombia ons gaat brengen!

Fietsen door sprookjesland

3 juli – 6 juli 2017

De rit naar Baños was er weer een om niet te vergeten. De prachtige groene Andes ziet er op veel plekken sprookjesachtig uit. Helaas was deze busrit ondanks het mooie uitzicht voor mij weer afzien, mijn maag werd namelijk niet echt gelukkig van alle kronkel wegen door de bergen. Het hostel waar we in belandden had een schattig kamertje met een heerlijk bed, hierdoor wilde ik de volgende ochtend lekker heel de dag in bed blijven liggen. Toch moest het er van komen want we zouden gaan wandelen naar “la casa del arbol”, oftewel het boomhuis. Bij de receptie vroegen we om een map en dit keer vroeg ik van te voren hoe lang de wandeling zou duren: zo’n 3 uur. We begonnen aan de klim en al snel dacht ik: waar ben ik in hemelsnaam weer aan begonnen. Toevallig had ik het er de week ervoor nog met Ricardo over dat hiken niet echt ons ding was en toch bevonden we ons hier weer op een bergpad tussen al het groen. De steile modderige paden leiden ons steeds hoger en hoger tot we bij het eerste uitkijkpunt kwamen en we een mooi uitzicht hadden op de vallei waarin Baños zich bevindt.

We liepen vervolgens over nog meer smalle modderige paden langs koeien en stieren die op nog geen paar meter afstand van ons stonden. Af en toe moesten we bukken voor wat takken en bomen, maar uit eindelijk belandden we op de verharde weg richting la casa del arbol. Bij het boomhuis konden we schommelen over de afgrond met uitzicht op de vulkaan. Helaas hebben we ook deze top weer niet gezien vanwege de bewolking, wat ik best jammer vond omdat er uit deze actieve vulkaan rook komt! We zijn niet echt een goede combo met vulkaan toppen want tot nu toe hebben we er pas twee gezien van de tig die we tegen zijn gekomen. De volgende dag huurden we twee mountainbikes om de waterval route te fietsen. We fietsen door een prachtig landschap en gingen over steile heuvels hard berg afwaarts. Af en toe maakten we een stop om een waterval te zien of om in een krakkemikkig klein kabelbaantje de rivier over te gaan. Gelukkig zijn we daar heelhuids uitgekomen, want het zag er niet erg stabiel uit. Toen door gefietst tot de grootste waterval hier in de regio. Op weg ernaar toe kwamen we mensen tegen die tot op hun ondergoed nat waren. Je kon namelijk zo wat aan de voet van de waterval staan. Hier kon je de kracht van het water pas echt voelen en in één keer was je dan ook zeiknat. Ook kon je via een rotswand naar het begin van de waterval kruipen, we moesten letterlijk onder de rotsen door kruipen. Helaas was ik weer zo lomp om mijn hoofd te stoten en nu heb ik een bult, maar ook dat mocht de pret niet drukken. Hoe dichterbij de amazone we kwamen hoe warmer en klammer het werd. We waren namelijk al zo’n 700 meter gedaald in hoogte en direct merkte je het verschil in warmte. We zijn kleine krot-achtige dorpjes tegen gekomen en fietsen vaak helemaal alleen over de weg wat het nog leuker maakte. Eenmaal terug nam ik een lekker warme douche en zijn we erna heerlijk gaan eten bij een Venezolaans tentje. Dit was tevens onze laatste avond in Baños want de volgende dag zouden we vertrekken naar de hoofdstad van Ecuador: Quito.

Zon, zee, vis

6 juni – 30 juni 2017

Eindelijk naar het strand! Na een super deluxe busreis van 20 uur stapten we uitgeslapen uit in de brandende zon. Direct kwamen er tien tuk tuk chauffeurs op ons af die ons maar al te graag wilden rijden naar het hostel. We besloten er met een mee te gaan die ons Mancora liet zien en diverse hospedajes. We boekten direct drie extra weken bij twee verschillende accommodaties omdat we hier even tot rust wilden komen. Dit heerlijke kustplaatsje zou de komende tijd ons thuis zijn. We begonnen met surf lessen van Victor onze surf leraar en genoten elke dag van het strand. De wekker ging zelfs een keer om kwart over vijf om te gaan surfen om zes uur ’s ochtends. Gelukkig sliepen we de avond ervoor al rond tien uur.

Na een dag of twee waren we helemaal gesetteld. Ik stond op met het eerste dag licht en veegde vervolgens eerst alle krekels uit het appartement. Er heerste nogal een krekel plaag die niet snel over zou gaan. Op de ergste avond zaten er denk ik een stuk of 100 krekels in onze slaapkamer. Hierdoor was ik maar al te blij met de klamboe die we boven ons bed hadden gehangen. Stel je voor dat je moet gaan slapen terwijl er 20 krekels over je heen lopen, zonder klamboe was ik echt weggegaan. In de ochtend volgde een simpel ontbijtje rond een uur of negen. Vervolgens lagen we aan het zwembad tot lunchtijd aanbrak. Vaak haalden we een 4 euro dag menu waarbij we heerlijk verse vis voorgeschoteld kregen. Terug naar het strand om tot een uur of vijf te genieten van de zon. Rond acht opnieuw richting de restaurantjes om nogmaals heerlijk te eten. Dit is zo’n 3 weken onze planning geweest elke dag.

De tijd vloog voorbij in dit kleine strand plaatsje. We hebben inmiddels alle restaurants wel zo’n beetje uitgeprobeerd en hebben natuurlijk wat favorieten ontwikkeld. De dagmenu’s zijn geen verassing meer, maar dat neemt de pret van uit eten gaan niet weg. In het begin had ik het idee dat drie weken misschien te lang zou zijn in dit kleine dorpje, maar het tegendeel bleek waar. Ik had erg graag nog wat langer aan het zwembad gelegen en genoten van de zon maar het werd ook wel weer tijd om door te reizen. Op naar een nieuw land: Ecuador.

Op doorreis

1 juni – 5 juni 2017

Cusco, de oude Inca hoofdstad, hebben we maar twee dagen bezocht. We verbleven bij een lief Peruaans gezin in een mooie kamer. In de ochtend kregen we zelfs een heerlijk ontbijt voorgeschoteld. Na dit ontbijt liepen we zo’n 40 minuten richting het oude centrum van Cusco. Daar wachtte weer een groot koloniaal plein op ons met typisch Spaanse bouwwerken. Het was een mooi plein met veel toeristische winkeltjes. Overal zag je klein vrouwtjes lopen in traditionele kledij die constant vroegen of je met een lama op de foto wilde, waar je voor moest betalen dus heb ik maar stiekem een foto gemaakt van deze lama hieronder. ’s Avonds hebben we cocktails gedronken het was tenslotte vrijdag avond.

De reis naar Lima was al geboekt en de dag erna vertrokken we. Het landschap van Peru viel me erg tegen. Lelijke kale rotsen en droge vlaktes was het enige wat we tot nu toe tegen kwamen. Zelfs de kust was een en al droge rots. Ik had gedacht dat Peru heel groen zou zijn, maar waarschijnlijk hebben wij gewoon de verkeerde delen bezocht. Als je op de kaart kijkt zie je duidelijk dat het oosten van Peru groen is en het westen bestaat uit rotsen en bergen. De kust voor Lima is, je kan het al raden, ook weer een grote rots. Enkele tientallen meters naar beneden zijn er een paar kleine strandjes waar veel mensen surfen. In Lima zijn we slechts een dag geweest, maar in die tijd heb ik wel heerlijke Ceviche gegeten. Voor we de bus weer in gingen hebben we nog een wandeling gemaakt over de mooie boulevard en door de mooie parken van Lima. Het werd eindelijk tijd om de zon en de warmte op te zoeken, Mancora here we come!

Zoete steden, vieze steden

27 mei – 1 juni 2017

We besloten onze reis door Bolivia te vervolgen met een bezoek aan Sucre. Deze stad zouden we eigenlijk overslaan maar op aanraden van onze Chinese vriendin Fang en een Duitse jongen van wie ik zijn naam niet meer weet, zijn we er toch heen gegaan. Sucre voelde Spaans aan met haar oude witte binnenstad. Deze mier zoete stad, Sucre betekent namelijk suiker, staat bekend om haar chocola die ik echter niet  heb geproefd. Er heerst een heerlijk relaxte sfeer in het centrum waardoor we met gemak een paar uur op een bankje konden zitten zonder iets te hoeven doen. Tijdens onze wandelingen merkte we wel dat heel de stad is gebouwd op steile bergen. Sommige straten liepen zo steil omhoog dat ik bij bovenkomst echt even op adem moest komen. Gelukkig was het weer al een stuk aangenamer dan in het koude Uyuni en vond ik het niet erg om lekker buiten te zijn. Ondanks dat we al ruim een week op een flinke hoogte zaten, had ik nog steeds last van hoogte ziekte. De coca blaadjes die we van de Duitse jongen van wie ik nog steeds zijn naam niet weet hadden gekregen hielpen voor geen meter. De blaadjes zouden ervoor moeten zorgen dat je geen hoofdpijn meer zou hebben en weer beter zou kunnen ademen, helaas was dit niet het geval. Hierdoor besloten we om het lekker rustig aan te doen en heel langzaam te wandelen. Na een paar dagen vervolgende we onze reis naar La Paz. De “hoogste” hoofdstad ter wereld.

La Paz had ik liever overgeslagen maar was een must om door te reizen naar Peru. Deze drukke smerige stad is de minst leuke plek die we bezocht hebben tot nu toe. Je bevindt je constant in een walm van uitlaatgassen en getoeter. Deze “hoogste” hoofdstad ter wereld mag dan recordhouder zijn in “hoogsten” van de wereld maar is niet de moeite waard om te bezoeken. Het enige leuke aan de stad was het uitzicht vanaf de kabelbaan die vanaf het centrum naar het nog hoger gelegen El Alto liep. Ik denk dat we met ons bezoek aan El Alto een record van onszelf hebben verbroken, we zijn beiden namelijk nog nooit op een hoogte van 4 kilometer geweest. Na één dag vertrokken we snel richting Peru, met een busreis die me nog lang bij zal blijven. De jonge chauffeurs gaven hun eigen feestje tijdens de rit en wel zo’n 12 uur lang. Gelukkig zijn we heelhuids in Cusco aangekomen en konden we snel ons bed in na deze extreem lange en warme dag.