Een doodstille hoofdstad

6 juli – 8 juli 2017

De eerste keer dat we vooraf geen verblijf hadden geboekt zou ons zeker bij blijven. Het complex was niet moeilijk te vinden, maar er werd nergens aangegeven dat er in het pand een hostel zat. Eenmaal binnen was het een erg donkere en treurige boel, heel ongezellig. Het internet deed het nauwelijks terwijl wij dit nu juist nodig hadden om het vervolg van onze reis te plannen. We besloten om onze boeking te annuleren, dit nam nog enige tijd in beslag. In de tussentijd liep er een nieuw stel binnen waarmee we aan de praat raakten. De Duitse jongen en het Frans meisje waren opzoek naar een slaapplaats, maar werden totaal genegeerd door de man achter de balie. Ook zij vonden het hostel niks en besloten een ander te zoeken. Na 3 hostels te hebben bekeken, vonden we eindelijk degene waar we zouden verblijven: Big mums hostel. Big mums hostel werd door een kleine “big mum” gerund. Een schattig ouder vrouwtje die erg haar best deed. We deelden de kamer met onze lot genoten Timo en Sara.

Het was al na negenen, wat niets zou hoeven uitmaken in een grote hoofdstad als Quito, zou je denken. De straten waren echter verlaten en alles was dicht. Zo heel af en toe zag je een iemand lopen. Na lang zoeken vonden we eindelijk een gebied waar nog wel wat leven was. Het was zo absurd stil op straat waardoor ik mij niet helemaal prettig voelde, gelukkig liepen we met een groepje van 4. Ook de grote supermarkt die in de buurt zat bleek dicht te zijn. Eenmaal terug maakten we ons eigen feestje op het dakterras. Vanaf dit terras had je een prachtig uitzicht over de oude stad. De volgende avond zouden we hier weer belanden om weer een leuke avond te hebben. We zijn in totaal maar twee dagen in Quito geweest omdat we snel wilden door reizen naar Colombia om het dure Ecuador te verlaten. Ik ben benieuwd wat Colombia ons gaat brengen!

Advertisements

Fietsen door sprookjesland

3 juli – 6 juli 2017

De rit naar Baños was er weer een om niet te vergeten. De prachtige groene Andes ziet er op veel plekken sprookjesachtig uit. Helaas was deze busrit ondanks het mooie uitzicht voor mij weer afzien, mijn maag werd namelijk niet echt gelukkig van alle kronkel wegen door de bergen. Het hostel waar we in belandden had een schattig kamertje met een heerlijk bed, hierdoor wilde ik de volgende ochtend lekker heel de dag in bed blijven liggen. Toch moest het er van komen want we zouden gaan wandelen naar “la casa del arbol”, oftewel het boomhuis. Bij de receptie vroegen we om een map en dit keer vroeg ik van te voren hoe lang de wandeling zou duren: zo’n 3 uur. We begonnen aan de klim en al snel dacht ik: waar ben ik in hemelsnaam weer aan begonnen. Toevallig had ik het er de week ervoor nog met Ricardo over dat hiken niet echt ons ding was en toch bevonden we ons hier weer op een bergpad tussen al het groen. De steile modderige paden leiden ons steeds hoger en hoger tot we bij het eerste uitkijkpunt kwamen en we een mooi uitzicht hadden op de vallei waarin Baños zich bevindt.

We liepen vervolgens over nog meer smalle modderige paden langs koeien en stieren die op nog geen paar meter afstand van ons stonden. Af en toe moesten we bukken voor wat takken en bomen, maar uit eindelijk belandden we op de verharde weg richting la casa del arbol. Bij het boomhuis konden we schommelen over de afgrond met uitzicht op de vulkaan. Helaas hebben we ook deze top weer niet gezien vanwege de bewolking, wat ik best jammer vond omdat er uit deze actieve vulkaan rook komt! We zijn niet echt een goede combo met vulkaan toppen want tot nu toe hebben we er pas twee gezien van de tig die we tegen zijn gekomen. De volgende dag huurden we twee mountainbikes om de waterval route te fietsen. We fietsen door een prachtig landschap en gingen over steile heuvels hard berg afwaarts. Af en toe maakten we een stop om een waterval te zien of om in een krakkemikkig klein kabelbaantje de rivier over te gaan. Gelukkig zijn we daar heelhuids uitgekomen, want het zag er niet erg stabiel uit. Toen door gefietst tot de grootste waterval hier in de regio. Op weg ernaar toe kwamen we mensen tegen die tot op hun ondergoed nat waren. Je kon namelijk zo wat aan de voet van de waterval staan. Hier kon je de kracht van het water pas echt voelen en in één keer was je dan ook zeiknat. Ook kon je via een rotswand naar het begin van de waterval kruipen, we moesten letterlijk onder de rotsen door kruipen. Helaas was ik weer zo lomp om mijn hoofd te stoten en nu heb ik een bult, maar ook dat mocht de pret niet drukken. Hoe dichterbij de amazone we kwamen hoe warmer en klammer het werd. We waren namelijk al zo’n 700 meter gedaald in hoogte en direct merkte je het verschil in warmte. We zijn kleine krot-achtige dorpjes tegen gekomen en fietsen vaak helemaal alleen over de weg wat het nog leuker maakte. Eenmaal terug nam ik een lekker warme douche en zijn we erna heerlijk gaan eten bij een Venezolaans tentje. Dit was tevens onze laatste avond in Baños want de volgende dag zouden we vertrekken naar de hoofdstad van Ecuador: Quito.